zondag 20 januari 2019

Ja, maar...



Stilletjes naar buiten starend, met mijn handen om een warme, dampende mok koffie verkeerd en naast me de weekendkrant, realiseer ik me dat het niet alleen buiten koud lijkt, maar binnen ook is. Snel draai ik de verwarming hoger. Het is dan ook nog vroeg. Een donkere wereld buiten ligt verstild onder een door het licht van de lantaarnpalen schitterend laagje rijp; prachtig. Heel misschien, als het ietsjes later en lichter was geweest, zou ik snel in de kleren en wandelschoenen schieten om me te vergapen aan de meest geweldige zonsopgang boven de dijk, zoals vaak met dit vries-weer te zien is. Nu blijf ik lekker binnen, met op de achtergrond het zachte, regelmatige gebrom van de afwasmachine die ik net heb aangezet. Smeer een wit bolletje met pindakaas (quilty weekend pleasure) en geniet stiekempjes van het moment.

N
og geen blog geschreven in het nieuwe jaar, en we zijn al meer dan over de helft. Ach ja, soms gaat dat zo hè, jullie inmiddels welbekend. Simpelweg geen tijd maken. Te druk met andere zaken, die op dat moment ook best leuk, belangrijk en zinvol lijken en waarschijnlijk ook zijn. 

E
en vriendin die deze week belde (ons een-keer-per-kwartaal-bijpraat-moment) en vroeg hoe het ging, vertelde ik wat er allemaal voor leuks op de agenda staat de komende tijd. Maar, ook dat ik er wel even heel graag tussenuit wil. Ademhalen, ruimte om me heen voelen. 'En, heb je al geboekt?', vroeg ze kort en krachtig. Euh, tja, nou nee. Ik hoorde mezelf zeggen: 'Ja, maar echt hoor, ik ben aan het kijken wanneer. We gaan binnenkort een weekendje weg of zo, ik ben ermee bezig.' 'Wat houd je nog tegen dan?' Tja, ik moest het antwoord schuldig blijven. 'Doe het nou gewoon en stop met al dat 'ja-maar'.' En ga dan ook vóórdat die ontzettend leuke training begint in februari. Niets fijner toch dan beginnen met een 'leeg hoofd'!'...

Blijft toch een vreemd fenomeen hè. Wel ergens naar verlangen, maar er dan toch niet toe komen om te doen, want, ja, maar... (en vul zelf maar in). Ja-maar, is eigenlijk ronduit vaak een dikke 'nee-want'. Let voor de gein maar eens op hoe vaak je in een zin 'maar' of 'ja- maar' gebruikt. Vaak een indirectie manier om nee te zeggen. Ik had namelijk ook kunnen benoemen dat ik binnenkort een hele leuke training ga doen; best spannend overigens en heel veel zin in. Ja, en (in plaats van 'ja-maar') dat ik bezig was met het boeken van een paar dagen weg voor mijn lief en mij... etc. Klinkt toch net even anders. En hé, voordat ik daar commentaar op krijg, ik wijs de 'ja- maar-gedachte' niet af hè. Je hebt beide namelijk nodig in je leven, zowel de 'ja-maar' als de 'ja-en'. De kunst is beide op het goede moment te gebruiken. 

Maar, eerlijk is eerlijk, ze had gelijk deze keer. Natuurlijk had ze gelijk. En dus gaf ik mijn lief diezelfde avond nog de 'opdracht' een paar dagen vrij te plannen in zijn agenda... En ja, is ons weekendje-weg inmiddels geboekt, vanzelfsprekend! 

maandag 31 december 2018

Laat je verrassen...






Toen ik deze week heel stilletjes naar buiten stond te staren, me eigenlijk afvragend waarom ik nog niet met mijn wandelschoenen en jas aan buiten stond, werd ik getrakteerd op dit prachtige ochtendgloren. Je zou het toch amper geloven hè, met al die grijze dagen. En toch was het zo; een mooie verrassing, als je nergens vanuit gaat... 

Hoe vaak heb ik me eigenlijk laten verrassen het afgelopen jaar? Weet je, ik heb eerlijk gezegd geen flauw idee. Het zijn ongetwijfeld vele keren geweest, zowel negatief als positief. Ik hoorde mezelf namelijk geregeld zeggen dat ik dacht dat ik 'alles al gezien en gehoord had. Ik niet zo snel meer verrast zou worden, maar slecht verwonderd zou zijn... ' Ach ja, het is wat het is hè, zeggen we dan. Gelukkig zaten er ook tal van andere leuke, lieve en geweldige verrassingen bij, zoals dus dat prachtige kleurrijke begin van een doorsnee dag. Eigenlijk net zo'n dag als vandaag, al is deze dan misschien als laatste toch weer ietsjes bijzonder... 

Vanochtend trof ik echter geen wonderschone kleuren. Wel 'kanonsschoten', al vanaf een uurtje of drie vannacht. Soms zo hard dat ik -al weet ik dat ze kunnen komen- toch verrast word en van schrik een niet zo'n net woord eruit floep. Mijn lieve moeder zou zeggen dat ik me moet gaan schamen. Dat ik zo niet ben opgevoed. En daar had ze wel een punt. Als er bij ons thuis gevloekt werd, zei zij altijd, zonder ook maar een spier te vertrekken: 'Nou, nou, stoer hoor... maar zeg er nou eens twee tegelijk... dan pas ben je stoer...'; het lukte uiteraard niemand. Hoe dan ook vond ik mijn moeder best stoer, al was dat weer om hele andere dingen, en pas jaren later, toen ik meer en meer snapte van haar (en ons) leven. Een leven met toch wel hier en daar wat pittige verrassingen. Afijn, ook toen waren er natuurlijk leuke. Hadden we waarschijnlijk best gezellige oudejaarsavonden met oliebollen en appelflappen. En ik zeg 'waarschijnlijk', omdat ik eigenlijk wilde schrijven 'met zelfgemaakte oliebollen en appelflappen'. Ik realiseer me alleen dat ik dat simpelweg niet meer weet. Feitelijk kan ik me sowieso weinig herinneren uit mijn jeugd van die specifieke tijd van het jaar. Wat me echter wel bijblijft, is, jaren later. De tijd dat ik haar altijd belde om 00.03 uur. Om haar vanzelfsprekend voor het nieuwe jaar het allerbeste te wensen. En dat het maar haar mooiste jaar zou mogen zijn. Het gekke is, dat mis ik nog steeds. Dat moment van - al zei ze de laatste jaren dat ze er niet meer voor opbleef - haar even te laten weten dat we aan haar dachten... maar dat zal geen verrassing zijn. 

Liefde, want dat is wat het was, is, en wat het altijd zal zijn. Dat is in feite toch waar het allemaal om draait, en de rode draad geweest in (mijn) 2018. Liefde is namelijk geen herinnering. Liefde is een gevoel, dat zetelt in je hart; een bewijs, het afgelopen jaar meervoudig geleverd door onder andere mijn lieve vriendin met Alzheimer. Want dát gevoel neemt zelfs die ziekte niemand af!

En dus sluit ik af met een tekstje waar ik deze week zomaar weer eens door werd verrast. Gewoon omdat ik hem mooi vind en ik jullie allemaal alle goeds wens voor een prachtig 2019; dat het ook maar jullie mooiste jaar mag zijn... 

'Als je spijt hebt van gisteren en bang bent voor morgen, probeer dan vandaag gelukkig te zijn, want morgen is gewoon weer vandaag.'
(bron: www)


zondag 23 december 2018

Omkijken


Alweer een jaar voorbij gevlogen...En al ben ik dan niet zo van het traditionele terugblikken, heb ik eveneens geen eindejaarsritueel, toch kijk ook ik -op de drempel van het oude naar het nieuwe jaar- nog een keertje heel even om. Een moment stil staan en omzien naar dat wat is geweest. Misschien zelfs effe mopperen op hetgeen er niet zo lekker ging. Maar gelukkig vooral genietend van al het mooie dat er was. En ik realiseer me ineens iets, ik doe het namelijk iedere week, dat 'even omkijken'. Pas op de plaats en tevreden zijn met wat ik dan zie. Het zet voor mij alles vaak weer net even in het juiste perspectief. En vanzelfsprekend gaan mijn gedachten dan ook naar die dingen die ik beter, anders had kunnen doen. Maar heel eerlijk ben ik dan met name blij met al dat bijzondere dat ik zo vaak als 'gewoon' ervaar; ondertussen staan de aardappels en de zuurkool te pruttelen op het fornuis voor de stamppot morgen(kerst)avond, terwijl de klanken van The New London Chorale (mijn quilty pleasure dezer dagen) het huis vullen. Fijn vooruitzicht, met mijn lief en mijn bonuskind...


December, de dagen steeds korter. Hoewel de kortste en donkerste dag gelukkig alweer voorbij is. Heel voorzichtig weer op weg naar het licht, al leek dat vanochtend nog best ver weg; het ochtendgloren druilerig en donker. Wel een heerlijk gevoel om dan als eerste al die warme lichtjes van de dit jaar weer eens echte kerstboom, de twee kleine boompjes voor het raam, de kersthuisjes, de kerststerren voor en achter aan te doen, dat dan weer wel. 

Nog een week, dan sluit ook ik het jaar af, op weg naar... wie zal het zeggen.
Ik kijk nog eventjes om en zie dat 2018 best een bijzonder jaar was, op z'n zachts gezegd.
Zo zie ik...

… best lastige beslissingen
… moeilijke momenten 

… afscheid van dierbaren
… het leven soms zo oneerlijk


Maar kijk ik ook naar...
prachtige gebeurtenissen

… er toen doen
realiseren van dromen
… geweldige ontmoetingen
Weet je wat het is? Vooruitkijken doe ik eigenlijk veel liever. Hoewel ook ik uiteraard niet precies weet wat er komt, maar dat maakt het juist ook weer zo bijzonder, althans, in mijn beleving.

Ik hoop in ieder geval op…
… fantastische nieuwe kansen en mogelijkheden
… inspirerende mensen
… het verschil kunnen (blijven) maken
… voldoende rustmomenten
… ruimte en dynamiek
… en nog zoveel meer...
En dus, op drempel van het nieuwe jaar, kort terugkijkend, winnen ook bij mij de mooie herinneringen het van de minder mooie. Haal ik daar weer energie en inspiratie uit om -samen met jullie- er een fantastisch jaar van te maken. Een jaar waarin we het hopelijk bovenal goed hebben met elkaar, met diegenen die ons allemaal lief zijn!

|

woensdag 21 november 2018

Bruggetjes; cadeautjes soms

Het duurt even voordat ik gerommel in het slot hoor. Even later zwiept de brede deur met een grote zwaai open. In de deuropening staat een kleine, fragiele dame. 'Zo', klinkt het krachtig. 'Ben jij toevallig mijn bezoek van deze middag?' Zo klein als ze is, zo stevig zijn haar woorden. Ik steek glimlachend mijn hand uit en stel me voor. Ze schiet in de lach als ze mijn naam hoort (en ik even later ook) wanneer ze zegt: 'O ja, die mooie naam. Iets met katoen...plukker of zo, met linnen... maar dan net even anders'. 

Toen ik haar twee weken geleden belde om een afspraak te maken, wilde ze heel graag mijn naam opschrijven, anders zou ze het vergeten, zei ze. Ook haar gaf ik mijn bekende ezelsbruggetje: 'Denk maar aan 'de katoenplukker'', zei ik, 'versus 'de linne(n)weever''. Ze vond hem toen al subliem. Meestal werkt het, en dit keer dus ook; het ijs was dan ook snel gebroken. Toen ik ook nog vertelde dat de naam uit Den Haag komt, was dat weer een mooie brug naar Scheveningen, waar haar roots liggen. Er volgde als vanzelf een mooie herinnering, hoezeer ze het miste ook, dat duinpad, met al die schelpen. Alleen, dan was je er nog niet, je moest nog even doorlopen, om dan ineens... 'dat heerlijke geluid hè, die branding...' Het gemis was even niet alleen zichtbaar, maar ook voelbaar in de ruimte.

Het uur vliegt om, wordt vijf kwartier, waarin ik een grand tour krijg door haar huis: 'Je moet echt even boven kijken, want mensen vragen me altijd of ik alleen in dat mooie, grote bed slaap. Ja, jammer eigenlijk hè...' Haar schaterlach weerkaatst in de ruime slaapkamer. Weer beneden vertelt ze eerlijk dat ze nog steeds auto rijdt. Maar ook dat ze bang is. Bang soms om zoveel alleen te zijn, de dagen duren lang. Ze weet dat ze steeds meer inlevert, want ze voelt -'dat zeggen mijn dochters ook'- dat ook dat binnenkort stopt: 'En hoe kom ik dán in Purmerend?' Ze realiseert zich goed dat ze achteruit gaat: 'Tja, ik word gewoon dement joh, sorry.' 

Haar ogen beginnen te stralen als ze vertelt over haar kinderen, de kleinkinderen, haar moeder, haar broertje, die in het kamp heeft gezeten; ze hadden het lang niet makkelijk vroeger. Toch voelt ze zich rijk, heeft een mooi leven gehad: 'En zo wil ik het graag nog even houden hoor. Dus, nee, ik ga niet meer naar die 'tuttenclub' waar ik met niemand een goed gesprek kan voeren. Wat denken ze wel, ik wil een beetje aansluiting.' Mijn bruggetje naar de 'Kennisclub', waarvan ik weet dat de casemanager daar mee bezig is. En ik vertel haar over het ontmoetingscentrum, waar activiteiten zijn voor hoogopgeleiden of mensen met een brede interesse; er volgen nog meer mooie herinneringen van eerste en tweede liefdes en de universiteit waar ze gewerkt heeft. Ineens zegt ze: 'Dit wat jij nu doet, is trouwens ook best leuk werk hè?' En zo krijg ik wederom een cadeautje; een prachtige brug om het maatjesproject verder uit te leggen. Ik vertel haar wat we precies doen, dat ik zelf dus ook vrijwilliger ben, en dat ik zo snel mogelijk op zoek ga naar een vrijwilliger die goed bij haar past. Uiteraard op basis van wat ze mij zojuist allemaal vertelde. Met een guitige blik zegt ze: 'Owh, maar jij mag ook best blijven komen hoor'. 'Met jou krijg ik geen ruzie, jij bent namelijk gewoon beschaafd ook, en met jou kan ik tenminste een normaal gesprek voeren...' 

Jongens, wat houd ik toch van dit vrijwilligerswerk! Hoe mooi is het dat ik iedere keer zo maar weer even een moment wordt binnengelaten in iemands leven, en vandaag zelfs twee keer. En natuurlijk, met de ultieme hoop dat je daarmee ook daadwerkelijk iets van betekenis kunt zijn in dat leven; weer genoeg (vrijwilligers)werk aan de winkel dus! 

zondag 18 november 2018

Zo ineens

Ineens ben ik er weer, daar waar ik al even niet meer was geweest, terwijl mijn handen blijven rusten op een artikel in de Margriet van vorige week. In een split second, heel even negen jaar terug in de tijd. Fragmenten nog altijd even scherp, al kan ik er intussen met een zachtere blik naar kijken.

Die ene vrijdagavond, de zevende augustus. De geluiden, de beelden, de details! De kat die naar boven vliegt, terwijl de kattenbrokken in het rond vliegen; in mijn run om de voordeur open te zetten voor de hulpverleners, schopte ik per ongeluk zijn etensbakje om. De stem door de telefoon, die me dringend gebied hem op speaker te zetten: 'Kun je reanimeren? Dan nu, ik tel mee...'; het tellen hoorde ik niet, wel in mijn hoofd het deuntje 'staying a life' van de Bee Gees, blijven hangen van een BHV-training uit een ver verleden. Ineens het huis vol, kordate stemmen achter me: 'Stop maar, stop maar, we zijn er, we nemen het van je over
'; gebiologeerd bleef ik op een afstandje naar ze kijken. 

Mijn gedachten, als één van de politiemannen hoorbaar geëmotioneerd zegt: 'kijk maar niet hoor mevrouw, het is namelijk niet zo'n fijn gezicht'. En ik dacht alleen maar, ach, je moest eens weten; het beeld voorgoed op mijn netvlies gebrand. De sigaret die ik buiten in één beweging aansteek en vol afschuw gelijk ook weer uitmaak, ik lijk wel gek. De buurman aan wie ik mijn sleutel en telefoonnummer geef, voor het geval dat, en of hij straks even naar de kat wil kijken misschien; we woonden er net vier maanden... 

De rit met zijn collega naar het eerste ziekenhuis. Dat moment als we de rotonde opdraaien en horen dat er thuis eindelijk weer hartritme is. De ontelbare bekertjes zwarte koffie en sigaretten, buiten op het bankje bij het ziekenhuis, wachtend op nieuws; het was dan ook een zwoele zomeravond. De waarschijnlijk moeilijkste telefoongesprekken van mijn leven. Die nooit verwachte, pijnlijke reactie, maar gelukkig ook heel veel bemoedigende. Het gespannen maar ook opgeluchte gezicht van de dienstdoende cardioloog die naar buiten komt lopen en zegt: 'Hij is er weer, maar hij is er nog lang niet...' De dagen op de IC, de bikkelharde woorden van de intensivist: 'We weten niet of en hoe hij wakker wordt'; ze gaven hem nog geen vijf cent, zo hoorden we heel veel later. Zijn constante gevecht tegen de beademingstube, het koelen, de koortsaanvallen, de longontsteking, de slapeloze nachten, de onzekerheid, de vragen, herkent hij me wel als hij wakker wordt; we kenden elkaar amper twee jaar... 

En toch hè, ik heb nooit één moment getwijfeld, aan de liefde van mijn leven. Kan ik nog zoveel meer vertellen, al die kleinigheden, bijzonderheden, ja zelfs misschien wel onbenulligheden; vergeten doe ik ze namelijk nooit. Ons verhaal, geen dag meer onbevangen. Daarentegen zoveel meer intenser dan ooit. Zo fietsen we pas nog 31 kilometer, ergens in ons mooie land. Picknickten we op een bankje in de zon, klonken we op onze trouwdag -alweer negen jaar- en dacht ik met een grote glimlach aan de mooie tekst die hij destijds voor me schreef: 



zondag 4 november 2018

Klaar mee

Wat een week. Zo eentje die ik blijkbaar eens in de zoveel tijd moet meemaken; het was dan ook al weer even geleden. Ik was er vrijdag dan ook wel een beetje klaar mee. Gisterenochtend toen ik wakker werd eigenlijk ook nog wel. Zo bedacht ik me dat ik best in mijn bed kon blijven liggen, gewoon de hele dag, of zo. Maar ja, toen ik daar -liggend in dat bed- weer wat verder over nadacht, vond ik dat vervolgens net even te veel verspilling van een mooie dag. Ik was tenslotte klaar met de week, niet met de nieuwe dag. Een nieuwe dag brengt immers weer nieuwe ronden, nieuwe kansen nietwaar. De afgelopen week, met al haar dingen(tjes) -in mijn wereld ondenkbaar-, liet ik dus los. Of misschien moet ik zeggen, wel denkbaar, maar het gebeurt gewoonweg niet. Ik zou het bijvoorbeeld niet in mijn hoofd halen. Maar ja, tja, wie ben ik hè.

Dus, klaar mee. Af laten glijden en geconcentreerd blijven op wat er wel goed gaat, of in ieder geval gaat binnen de voor mij belangrijke (werk)waarden. Een daarvan is rechtvaardigheid, maar ook samenwerking, deskundigheid, zorgvuldigheid en respect zijn er zo maar een paar die er voor mij behoorlijk toe doen in het leven. Daar past voor mij dan ook niet bij dat je iemand voor het blok zet, je collega's laat barsten... omdat het nu zo uitkomt. Tja, en als je dan over een van die grenzen gaat, dan kan ik inderdaad nog wel eens wat energie in een conversatie leggen, zoals mijn lief het gisteren zo prachtig verwoordde. Ach ja, 'Het is wat het is', zei ik vervolgens tegen het uitzendbureau, die deze wijze van 'opzeggen' blijkbaar prima vindt kunnen tegenwoordig, terwijl je nog een contract tot eind december hebt met elkaar. Kortom, ik kon het even niet nalaten te vragen aan de dame in kwestie hoe het zou zijn als de zaken omgedraaid waren. Ik met een telefoontje had laten weten dat de volgende dag de laatste werkdag zou zijn van hun kandidaat, omdat dat ons nu het beste uitkomt? Het antwoord moest ze schuldig blijven, de dame vond namelijk dat er mij niet viel te praten; er zat wellicht net iets teveel energie in mijn vraag...


Afijn, klaar mee dus. Laten we het vooral hebben over het weekend, twee meest mooie herfstdagen. Niet in bed blijven liggen dus, maar gewoon even bij de buurvrouw op de koffie; ik had nog wat servies van haar en hoorde toevallig dat ze stond te praten met iemand, die ik eigenlijk ook heel graag wilde spreken, maar nog steeds niet had durven aanspreken (excuus voor de wat lange zin). Even later zaten we dus gezellig, schoof buurman aan met kleinzoon en was het gewoon even best heel knus. Zo spraken we onder andere af dat ik woensdag zorg voor zelfgemaakte pompoensoep en nog geen drie uur later waren onze slaapkamerramen weer blinkend, het houtwerk ontdaan van alle spinnenpoep van de afgelopen periode en worden binnenkort ook de dakkapelletjes gedaan, hoe gaaf is dat. Zo zie je maar weer, er is altijd wel een reden je bed uit te komen!

Dat is facebook voor mij overigens niet. En dus loop ik al een tijdje rond met de gedachte daar binnenkort mee te stoppen; ik ben er wel een beetje klaar mee en al helemaal als er weer een vaag verzoekje binnenkomt van ene Piet-die-weet-ik-veel-wie-hij-is-en-waar-hij-mij-van-denkt-te-kennen... Ik wil mijn tijd graag aan andere dingen besteden. Toch realiseer ik me natuurlijk terdege dat een aantal van jullie via deze weg mijn verhalen leest. Ik vind 1 januari 2019 dan ook een mooi ijkpunt, het jaar rond. Daarbij geeft het iedereen die wil blijven lezen (wat ik uiteraard heel erg leuk vind) de tijd om op 'volgen' te klikken op mijn blogpagina. Je krijgt dan vanzelf een melding in je mailbox als ik weer eens wat (on)zinnigs aan 'het papier' toevertrouwd heb. Mijn verhalen deel ik eveneens via twitter en ik gebruik dit jaar Instagram om iedere dag een foto te uploaden van iets dat ik mooi en de moeite waard vind om te delen met de wereld.


Een paar dagen geleden was dat een upload van een intiem concert van Beth Hart in Tivolli, met de toepasselijke titel: 'Mama this one's for you'. Het was maandag 29 oktober, de geboortedag van mijn moeder *knipoog*…  


zondag 28 oktober 2018

Loslaten...

De bladeren aan de bomen wiegen zachtjes heen weer, als ik toevallig een blik naar buiten werp. Er valt er eentje. Gedragen door de wind, dwarrelt hij weg. Herfst. Loslaten, denk ik gelijk. Ach, hoeveel is daar al niet over geschreven? Maar wel een woord dat vooral de afgelopen week door mijn hoofd spookte.

Loslaten van (het) leven, van iemand. Vaak zo onlosmakelijk verbonden met de dood. Als het moment daar is, gaat het gek genoeg vanzelf. Al denk je van tevoren misschien dat het je nooit gaat lukken. Belangrijk om te doen ook, dat loslaten van iemand. Zodat diegene ook de rust en de kracht vindt en voelt dat het goed is om te gaan, het leven los te laten. Mijn ervaring leert inmiddels dat het een intens, bijzonder, maar ook heel waardevol proces is om mee te mogen maken.

'Je zult wel in een zwart gat vallen Heleen...' Een opmerking die ik regelmatig hoorde toen mijn vriendin nog leefde: 'Wat als ze er niet meer is, dan zul je wel... ' En ook nu weer, allicht vanuit de beste intenties, nu dat moment echt hier is, onomkeerbaar; een week geleden namen we afscheid van haar. De zon scheen, ook die dag klopte alles. Natuurlijk vloeiden tranen, was verdriet bijna tastbaar. Maar het was ook een mooi samenzijn, omluisterd met lichtjes, mooie muziek en het vertellen van verhalen over wie ze was, wat ze deed, haar zorgen, haar humor, haar liefde, haar gezelligheid, haar leven. En weet je, dat gat dat valt wel mee, als je het hebt over het invullen van mijn tijd. Neemt uiteraard niet weg dat ik een leegte voel; het feit dat ze er simpelweg niet meer is. Dát is wennen. Het weten dat je nooit meer naar iemand toe kunt. De dingen doen, die je altijd samen deed, dat voelt als een gat... en went eigenlijk maar een heel klein beetje.

Iemand loslaten die sterft, het gaat vanzelf; je hebt simpelweg geen keuze. De vraag die mij de laatste paar dagen echter wakker hield, was meer die van: 'Maar hoe ga ik dan nu al dat andere loslaten, ook zo verbonden met zeker de laatste fase van haar leven? Mevrouw van K., die ineens mijn handen pakt als ik vraag hoe het met haar gaat, en dan uit het niets met een ernstige moederlijke blik vraagt: 'Maar hoe is het nou dan met jouw man dan?' Ze heeft mijn lief nog nooit ontmoet... Meneer Van der W., die lachend vraagt of ik gepromoveerd ben, als ik twee stoelen voor hem wegschuif van de tafel, zodat hij er met zijn rolstoel bij kan en we kunnen beginnen met het middageten. 'Of doe je gewoon hand- en spandiensten? Fijn hoor, dat je dat blijft doen...!' E., bij wie -op het moment dat ik over haar hand wrijf en vraag of ze het gezellig vindt om samen te eten en of ik haar mag helpen- de mooiste ontspannen glimlach doorbreekt en de dames dan die zitten te bekvechten onder het eten - geen idee waar het over gaat - na een geintje en wat afleiding de rust wederkeert en ik samen daarna met ééntje gezellig aan de afwas ga... en nog zoveel meer...

Tja, loslaten. Tegelijkertijd weet ik dat ik a) geen beloftes hoef te doen, b) dat allemaal - en nog zoveel meer- misschien wel heel erg ga missen, maar c) blij ben dat ik daarin wél een keuze heb. 

Ik koos dan ook om weer eens een weekend thuis door te brengen. Toe te geven aan een lome moeheid, die de hele week al als een zware jas voelt en niet zo makkelijk af te schudden lijkt. Uiteindelijk gaat dat ook wel lukken hoor. Natuurlijk. Ik weet hoe het werkt en misschien nog wel belangrijker, wat ik eraan kan doen. Waar ik niettemin dan wel heel blij van word, is dat er op het werk meer dan begrip is, van alle kanten; fijn om gezien en gehoord te worden. Dat ik ook nog steeds energie krijg van het vrijwilligerswerk, het zoeken van een maatje voor mensen met beginnende dementie; bijzonder om te merken hoe het gewaardeerd wordt. Hoe gaaf het is dat er een lunchafspraak staat met die vriendin, die ik al veel te lang niet meer gezien heb; tijd om ouderwets bij te kletsen op een toch wel iets bijzondere dag. En dat de moeder van mijn vriendin daar straks belde om te zeggen dat ze 'verlang naar me heeft', zoals ze altijd zo mooi in dialect zegt. Onze wekelijkse telefoongesprekken mist, mij mist... en graag zeker wil weten dat ik langskom om te doen wat we al een tijd geleden hebben afgesproken; iets moois, iets blijvends, iets …. maar daarover later meer.

Loslaten, of ach, misschien wel gewoon 'anders vastpakken', want dát kan natuurlijk ook!